WELKOM
Welkom op het biblioblog van Spookiespock
maandag 10 december 2012
Pinterest, het nieuwe pinnen
Zucht
Die slaakte Spookie wel even. Weer een nieuwe manier om foto's te rangschikken? En weer net anders te delen, indelen, opdelen, overdelen, afdelen, voordelen ... Maar goed, hier gaat het om afbeeldingen in het algemeen en het benadrukken van het visuele. Grappig aangezien beeldtaal de oertaal van de mensheid is en we dus een beetje full circle komen. Aangezien ik zelf een website beheer, sprak mij de link naar websites wel aan. De vraag is alleen, duidelijk aangegeven door Ronald Snijder, of het je werkelijk iets oplevert. Wil je dat mensen alleen naar je website gaan voor de leuke plaatjes? En heb je dan het idee dat ze nog kijken naar wat je te melden hebt? Moet ik nu bovendien ineens een pinverbod instellen, omdat iedereen met de foto's die mijn website verfraaien in the name of pinterest aan de haal kan gaan?
Strategie
Laten we het even op de bibliotheek toespitsen. Het voorbeeld van Peugeot uit de filmpjes van Pelpina is een leuke manier om dit medium in te zetten. Niet dat we weer gewoon laten zien hoe onze bibliotheken eruit zien, maar het spannender maken. Mysterieuze en uiterst moderne onderdelen fotograferen en klanten daaruit tot hun verrassing een sectie van hun bibliotheek tevoorschijn laten toveren. De Visuele Strategie van Marije Brom vind ik daarbij een niet te missen handleiding. Zoals ook in mijn vorige (en eerdere) blogberichten vermeld, vergeten wij in de bibliotheek vaak te kijken (en vragen) naar wat de klant prikkelt, boeit, fascineeert en laten we voor de zoveelste keer zien wat wij letterlijk in huis hebben. Marije's aandachtspunten kunnen ons verder helpen.
Overbrugging
Terugkerend naar Ronald Snijder is het wel zaak om de connectie tussen de beelden en je inhoud te maken. Als we daar niet voor zorgen dan komen pinteradores (of hoe noemen we ze) alleen maar plaatjes pinnen. Met de visuele strategie kunnen we ze zover krijgen. Maar dan is de volgende stap die overbrugging naar de inhoud en betekenis. Als ons dat lukt, is er een wereld te winnen.
Instagram: het volgende level van 'delen'
Tags
Het makkelijk streamen van foto's spreekt Spookie aan, het makkelijk bewerken niet. Persoonlijk zoek ik vaak foto's voor bijvoorbeeld powerpointpresentaties en dan is er een boel dat je niet mag gebruiken. Creative Commons biedt een oplossing, maar die vind ik nog beperkt (wel een erg goed initiatief). Instagram geeft meer mogelijkheden. Misschien wel teveel, want het valt niet mee zinnige foto's rond algemene zoektermen te vinden. Bij Statigram zocht ik onder 'jaguar' en je wilt niet weten wat daar naar voren kwam. Komt ook door de tags die mensen toekennen. Onder sujin01 trof ik een portret aan waar een woud aan grotendeels volledig overbodige tags mee verbonden was. Een voorbeeld van hoe het wel moet, levert op dezelfde pagina moneyselfmade. Tags zijn er niet om interessant te doen, maar om te helpen zoeken. Ink 361 vond ik als zoekmiddel een nuttige tool.
Bewerken als kunst
Bewerken van foto's is een kunst op zich en dat kan Spookie waarderen. Maar dan ben je in feite geen fotograaf. Met instagram kun je van elke mislukte foto nog wel iets maken. Maar het blijft een mislukte foto. Eerlijk gezegd is al met de komst van digitale fotobewerking mijn plezier in natuurfotoboeken bijvoorbeeld teruggelopen. Was die zonsondergang zo spectaculair of is die gewoon bijgekleurd? Je krijgt nu een ontzagwekkende collectie van bijgestelde foto's. Op zich wel erg tof om daar zo eenvoudig kennis van te kunnen nemen. En prachtig dat veel talent dat niet in de spotlights komt nu wel een podium krijgt. Maar dat moet zich nog aan veel bagger ontworstelen.
Biblioinstagram
Natuurlijk moeten we instagram voor de bibliotheek gaan benutten. Maar ik verzet me altijd een beetje tegen het overzetten van de dingen die we al doen in het nieuwe medium. Op zich heeft dat best zin, maar het is zo fantasieloos en je hobbelt weer ergens achteraan. Kijk eens of je met dat nieuwe medium iets kunt doen wat je niet eerder deed. De Nederlandse suggestie om foto's van activiteiten en boekenkasten als wedstrijd door klanten te laten maken, hebben we al veel eerder gedaan. Nu via instagram heb je een ander bereik en een makkelijker streaming. Maar ik word enthousiaster van de 10 interesting ways met het Bergdorf-schoenen voorbeeld. Zo zouden wij geleende materialen en/of bibliotheektassen kunnen volgen dan wel laten volgen. Sneak peaks van wat je nog aan het opzetten bent kunnen via instagram ook goed werken. En het lijkt me een fijn hulpmiddel bij marketing.
woensdag 14 november 2012
Content curation
Onder curatoren
Spookie heeft in veel van zijn blogberichten al aangegeven dat er voor ons als medewerkers van de bibliotheek inderdaad een enorme rol als content curators weggelegd is. Als kleine aanvulling bij wat ik daar reeds over gemeld heb, wil ik nog een aanmoediging vanuit de behoefte van de klant geven. Vooruitlopend op de resultaten uit het meest recente klantenpeilersonderzoek is mij opgevallen dat veel klanten aangeven onze website graag te bezoeken wegens voorkeuzes en besprekingen op het gebied van fictie. Daar zouden we bij nonfictie ook op in moeten springen. We kunnen wel roepen dat we content curators (willen) zijn, maar laten we dat met een aantal uitstekende thematische voorbeelden maar aantonen. Direct op de website laten zien wat het betekent. Practice what you preach.
Middelen
Alle genoemde middelen waren nieuw voor Spookie en dat vraagt om een spannende onderzoekingstocht. Scoop.it is enorm leuk om te doen. Als ex-journalist is het erg leuk om eens je eigen digitale krant samen te stellen. Omgekeerd vind ik het niet zo boeiend om te volgen, tenzij de invalshoek erg origineel of goed aansluitend op jouw nieuwsbehoefte is. Voor mediawijsheid wil ik Jeroen van Beijnen wel volgen voor wat extra ideetjes of iets dat ik gemist heb. Maar veel verder gaat het niet. Wel zou ik zelf nog eens een goed nieuws krant willen samenstellen om aan te tonen dat er ook elke dag heel wat mooie dingen in de wereld gebeuren. Tof dat dat nu makkelijk kan.
Voorselectie
Paper.li doet volgens mij hetzelfde wat google nieuws ook doet (al weten velen dat niet), namelijk nieuwsberichten voorselecteren naar eerder getoonde belangstelling. Alleen betrekt dit er meer sociale media bij, zoals Twitter en Facebook. Meestal vind ik dat vrij irritant, omdat het niet bij te stellen is. Als ik dus voor iemand anders iets opzoek, krijg ik voortaan gerelateerde berichten langs. (Bij bedrijven als Amazon werkt dat ook zo - laatst bestelde ik een paar hardrock cd's als cadeau voor iemand en nu komen er regelmatig hardrock cd's als suggesties voorbij).
Gespleten
Storify rukt Spookie qua emoties (!) bijna uit elkaar. Ik ben erg enthousiast over het principe en vindt het op zich echt een vondst. Maar als ik dan naar het gebruik op de Storify site kijk, bekruipt mij een diepe bedroefdheid. Net als bij Twitter of Facebook is het uitgangspunt vanuit het medium boeiend, maar het gros van de gebruikers rommelt er maar een beetje mee of gebruikt het ter verheerlijking van zichzelf. Als ik bijvoorbeeld naar het onderwerp natuur ga, dan krijg ik het leuke onderwerp bizons. Maar in plaats van een gelinkt verhaal uit verschillende media, krijg ik een op zichzelf staand filmpje met nog een paar plaatjes. Een oversprong naar bijen leverde eenzelfde resultaat. Nergens wordt het idee van het verhalende toegepast - het zijn losse blogberichtjes rond een thema geworden. En dit zijn voorbeelden waar Storify zelf mee komt (overigens ook pas na doorklikken aangegeven, zodat in eerste instantie de homepagina ordinaire chaos lijkt). Storify toepassen zoals het bedoeld is blijkt een hele kunst. Waar blijven de kunstenaars?
Google (+) instellingen en Picasa
Instellingen
Meestal klikt Spookie wel links en rechts door zijn scherm om eens te kijken wat je bijvoorbeeld allemaal met Google + kan. Zelf ontdekken beklijft beter dan dat je mechanisch een instructie naklikt. Maar grappig genoeg was ik nog niet bij de account instellingen terecht gekomen om de diensten waar ik gebruik van maak te checken. Aangezien ik erg selectief ben, zaten er niet veel verrassingen bij, maar ik vind zoiets wel een nuttig heroverwegingsmoment om af en toe in te lassen. Je merkt toch soms dat je kennelijk ooit iets geaccepteert hebt, waarvan je nu niet eens meer weet waar het voor dient.
Picasa
Spookie heeft buiten de cursus en het coachen privé niet met Picasa gewerkt. Ondanks de grote hoeveelheden foto's die ik toch wel eens beter zou willen beheren. Daar is het zeker een fijn medium voor. Maar ik heb wel de verschillende mogelijkheden van Picasa Webalbums en Google + verder onderzocht. Terugkomend op het thema privacy en veiligheid staat hier nu eens duidelijk hoe je kunt afschermen door een album of bericht te vegrendelen of als 'alleen voor u' aan te merken. De instellingen voor delen op één plaats bekijken en wijzigen is ook erg handig. Iets aanbrengen is zo gebeurd, maar om iets te wijzigen of definitief verwijderen zoek je je meestal een apestaartje. Dit is niet alleen helder, maar omgekeerd worden ook de konsekwenties van het verwijderen van een album prima toegelicht. Een voorbeeld dat navolging verdient en veel ellende kan voorkomen.
Twitter verdiept
Persoonlijk
Spookie spookt opnieuw door. Privacy en veiligheid heb ik al eerder op dit blog uitgebreid behandeld, dus ik begin met het verdiepen van Twitter. Na de kennismaking met Twitter ben ik er persoonlijk niet mee verder gegaan al volg ik de ontwikkelingen met belangstelling. Want het blijft een fascinerend medium dat met name op nieuwsniveau erg nuttig kan zijn. Dat de wereld er iets aan heeft, lijkt mij duidelijk, maar ik vond het voor mij privé niet veel toevoegen. Dat is veranderd sinds ik af en toe evenementen organiseer waar publiciteit essentieel voor is. Daarbij blijkt Twitter een niet te versmaden hulpmiddel, waar ik vanaf nu echt werk van wil maken. De verdieping komt me dan ook goed uit.
Hootsuite
Als eerder geblogd is Spookie een beetje allergisch voor al die lijstjes en handige systemen van filen en opbergen. Niet als je tot een grote organisatie behoort, maar wel persoonlijk. Het meeste moet je via favorieten en wat zelf aangebrachte onderverdelingen makkelijk kunnen beheren. Anders wordt gauw 'Get a life' van toepassing. Maar nu ik vanuit een kleine organisatie kijk, zie ik de voordelen van bijvoorbeeld Hootsuite - dat ik niet kende. Met name het analyseren van je contacten via sociale media in verschillede doelgroepen is een flinke toegevoegde waarde. Al mogen ze wat mij betreft iets transparanter zijn over wanneer je waar precies voor gaat betalen. Maar goed, gaandeweg wordt dat duidelijker. De tips voor organisaties zijn uiterst bruikbaar.
Twitterchat
Twitterchat vindt Spookie een briljant idee. Ik ben aan het brainstormen over een online versie van een spirituele cursus, waarbij cursisten natuurlijk via de mail vragen kunnen stellen. Maar om eens per maand een Twitterchat gelegenheid te bieden, bevordert een meerlagige uitwisseling van ervaringen waar meteen op ingesprongen kan worden. Natuurlijk vervangt het niet de dynamiek van een echte bijeenkomst, maar als je ver uit elkaar woont en mogelijk over de wereld verspreid zit, is dit een aantrekkelijk alternatief. En zo wordt een puntorig ruimtewezen nog een echte twitteraar.
dinsdag 12 april 2011
DING 30: GOOGLE BOOKS EN E-BOOKS
Helaas werd het installeren van de GooReader door het systeembeheer verhinderd. Het privacy-aspect vind ik overigens op dit punt wat overdreven. Dus google weet wat jij leest - nou en? Bol.com weet ook wat jij koopt net als elke internetleverancier. Het wordt pas lastig als ongevraagd jouw leesgedrag op banners in een stadion komt te hangen met vermelding van je naam. Dan mag je echt op de steigers.
Bij het gebruik van de geavanceerde opties bij het zoekprogramma voor Google Books komt het stoom weer even uit Spookies welgevormde oren. Waarom hebben wij als bibliotheken dergelijke zoekmogelijkheden nog steeds niet (voor onze in verhouding ook nog eens beperkte catalogus)??? Lichtjaren verder dan ons zoekprogramma is ook dit nog voor verbetering vatbaar. (Als ik alleen de schrijver Douglas Preston intik, krijg ik niet zoals verwacht eerst de boeken die hij alleen geschreven heeft en dan de samenwerkingsprojecten met andere schrijvers - maar alles lukraak door elkaar.)
Ik ben wel een groot voorstander van het digitaliseren van boeken, omdat vele werken buiten de bibliotheken met een bewaarfunctie een kort plankleven leiden. Er is veel niet meer verkrijgbaar dat ik graag nog eens zou lezen. Fijn als je er nog wel bij kunt.
Zo'n expressomachine kan ook helpen om interessante werken (en een hoop rotzooi) naar buiten te brengen die uitgevers links hebben laten liggen. Maar het moet je wel vooral om de inhoud gaan. Het opmaken van een boek is nu eenmaal een vak apart.
Op Google e-books werd ik bij elke zoekterm om de puntoren gesmeten met obscure (voor een niet geschiedkundige) historische teksten. Dat is nog erg beperkt, maar wel van belang. Grappig genoeg wordt in de discussies rond e-books die ik gevolgd heb een aspect vrijwel niet genoemd dat nog wel eens de hoop voor het papieren boek zou kunnen betekenen. Namelijk dat het niet gezond is om de hele dag naar een oplichtend scherm te kijken. Aangezien we op het werk al vaak voortdurend naar een computerscherm kijken en via de smartphone daar nog eens de meeste vrije tijd aan vast plakken is het heel onverstandig om tot overmaat al je leesplezier aan e-readers/I-Pads te ontlenen. Aan de eerste twee zullen we meestal niet zoveel kunnen/willen doen, maar voor boeken hebben we een alternatief - de papieren versie. Spookie voorspelt dat dit nog wel een issue gaat worden. Misschien vreemd om VerDiepdingen met zo'n opmerking af te ronden, maar Spookie is nu eenmaal een beetje vreemd.
dinsdag 5 april 2011
DING 29 MOBIEL INTERNET
Dit Ding heeft Spookie in de basiscursus 23Dingen al uitgebreid behandeld (zie blogbericht Ding 17). Maar een aanvullende overweging is nooit weg. Ik heb net de Barcelona reeks van Carlos Ruiz Zafon uit (3e deel moet nog verschijnen) en zou aan de ene kant een app op prijs stellen, waarmee je tijdens het lezen de bewegingen van de hoofdpersonen door de stad van nu zou kunnen volgen via een Streetview toepassing (mijn broer trof wel een kaart aan in de engelstalige uitgave). Aan de andere kant haalt dat ook weer veel van je verbeelding weg en als ik apart op zoek ga naar (digitale) kaarten etc. kom ik weer andere onverwachte dingen tegen, wat bij de app verloren gaat. Hoofdzaak blijft voor jezelf vast te stellen of de app echt iets toevoegt en wat je er door verliest (en of dat de moeite waard is). Een app die ik bijvoorbeeld leuk zou vinden is er een waarbij ik als ik een stad bezoek, de poezie die over die stad verschenen is voorgetoverd krijg. Om een indruk te krijgen van de dichterlijke indruk van anderen.
dinsdag 22 maart 2011
DING 28 CROWDSOURCING EN CROWDFUNDING
Trouwe blogvolgers zullen begrijpen dat dit onderwerp Spookie aanspreekt. Crowdsourcing maakt gebruik van de kennis en inzet van velen om van alles voor elkaar te krijgen dat anders moeilijk, langdurig of onmogelijk zou zijn. Crowdfunding zorgt ervoor dat buiten de officiele kanalen om allerlei projecten puur door het enthousiasme van de bijdragers toch gerealiseerd kunnen worden. Bij crowdsourcing ziet spookie nog wel wat web-beren op de weg. Dat merk je ook als je een beetje rondsurft. Het klinkt prachtig, maar als de kwaliteit van de vele bijdragen gemiddeld te wensen overlaat, heb je of een matig product of ontzettend veel herstelwerk (wat je waarschijnlijk niet opnieuw met crowdsourcing zult willen oplossen). Bovendien zien de bijdragers hun werk anoniem in een massa verdwijnen (op zich een mooi gegeven dat het er alleen maar toe doet dat je zelf weet dat je iets hebt kunnen toevoegen, maar of iedereen dat zo ziet ...en wie kun je aanspreken op onderdelen?).
Heb met veel plezier bij verschillende projecten binnengekeken. Op kickstarter vond ik bijvoorbeeld het project granito dat over 3 dagen een go/no-go krijgt. Het gewenste bedrag om deze documentaire buiten de gewone kanalen onder de aandacht van Hollywood te brengen is bijna bij elkaar. Hoewel ik me in de Mayacultuur heb verdiept, zou dit anders waarschijnlijk langs me heen zijn gegaan. Voor de bibliotheek is dit soort crowdfunding in tijden van bezuiniging voor aansprekende projecten ook een overweging
Verbeterdebuurt is goed overzichtelijk, maar geeft alleen verbeteringen aan op ideeën die via deze site zijn aangedragen. Zo zag ik dat de overzichtelijkheid van de T-kruising vlak bij mij opgelost is, maar niets over het gegeven dat meer recent de verlichting en inrichting van het bijbehorende plein zijn aangepast. Het is wel een mooi laagdrempelig medium voor wijkbewoners en gemeente.
Met GWAP moeten we echt wat. Neem nu de bewegwijzering waar wij in bibliotheken mee blijven worstelen. Klanten kunnen goed aangeven wat hun niet bevalt, maar niet eenduidig hoe het wel zou moeten. Via GWAP kun je op speelse wijze uitvinden welke genres men bijvoorbeeld met welke themawoorden associeert. Dan krijg je echt proefondervindelijk goede oplossingen (je kunt nooit iedereen tevreden stellen, maar zo wel aantoonbaar het merendeel van je klanten). Het is meteen een stuk cocreatie.
Crowdsourcing vergt goede regie, want als bibliotheken staan wij voor degelijke en betrouwbare informatie. Met name rond ervaringsverhalen (ervaringsbijdragen) is hier echter van alles mogelijk (alleen al bij de historische informatiepunten). Crowdfunding kan waarschijnlijk het best landelijk worden toegepast (het aantal deelnemers maakt het interessant - anders is het gewoon sponsoring) en werkt meer projectmatig dan structureel. Maar voor erg aansprekende projecten en met een leuke beloning kan er incidenteel op lokaal gebied gebruik van worden gemaakt.
Heb met veel plezier bij verschillende projecten binnengekeken. Op kickstarter vond ik bijvoorbeeld het project granito dat over 3 dagen een go/no-go krijgt. Het gewenste bedrag om deze documentaire buiten de gewone kanalen onder de aandacht van Hollywood te brengen is bijna bij elkaar. Hoewel ik me in de Mayacultuur heb verdiept, zou dit anders waarschijnlijk langs me heen zijn gegaan. Voor de bibliotheek is dit soort crowdfunding in tijden van bezuiniging voor aansprekende projecten ook een overweging
Verbeterdebuurt is goed overzichtelijk, maar geeft alleen verbeteringen aan op ideeën die via deze site zijn aangedragen. Zo zag ik dat de overzichtelijkheid van de T-kruising vlak bij mij opgelost is, maar niets over het gegeven dat meer recent de verlichting en inrichting van het bijbehorende plein zijn aangepast. Het is wel een mooi laagdrempelig medium voor wijkbewoners en gemeente.
Met GWAP moeten we echt wat. Neem nu de bewegwijzering waar wij in bibliotheken mee blijven worstelen. Klanten kunnen goed aangeven wat hun niet bevalt, maar niet eenduidig hoe het wel zou moeten. Via GWAP kun je op speelse wijze uitvinden welke genres men bijvoorbeeld met welke themawoorden associeert. Dan krijg je echt proefondervindelijk goede oplossingen (je kunt nooit iedereen tevreden stellen, maar zo wel aantoonbaar het merendeel van je klanten). Het is meteen een stuk cocreatie.
Crowdsourcing vergt goede regie, want als bibliotheken staan wij voor degelijke en betrouwbare informatie. Met name rond ervaringsverhalen (ervaringsbijdragen) is hier echter van alles mogelijk (alleen al bij de historische informatiepunten). Crowdfunding kan waarschijnlijk het best landelijk worden toegepast (het aantal deelnemers maakt het interessant - anders is het gewoon sponsoring) en werkt meer projectmatig dan structureel. Maar voor erg aansprekende projecten en met een leuke beloning kan er incidenteel op lokaal gebied gebruik van worden gemaakt.
donderdag 17 maart 2011
DING 27 COPYRIGHT
Copyright is er natuurlijk in principe om te beschermen, maar het doet daarbij twee dingen waar Spookie redelijk allergisch voor is: het zegt 'van mij en van niemand anders' en het verbiedt.
De incataal quechua heeft geen bezittelijk voornaamwoord en als dat zo is, kijk je anders tegen de wereld aan. Mijn huis wordt dan het huis dat bij mij is of het huis waar ik bij ben. Zelfs voor bevrijdingsdagmarkten halen wij Nederlanders het massaal in ons hoofd om met tape BEZET op plekken te zetten die kennelijk omdat wij er het eerst waren de volgende dag van ons zijn. Commercie is ook vaak belangrijker dan dat velen van iets op de hoogte kunnen worden gesteld. In de fitnessbranche waarin ik werkzaam ben geweest wordt bijv. als je iets nieuws hebt bedacht dit zo snel mogelijk vastgelegd zodat anderen het alleen kunnen gebruiken als ze bij jou een cursus heben gevolgd en dat ook elk jaar blijven doen (kassa). Maar is het niet veel belangrijker dat mensen over de hele wereld makkelijk aan de slag kunnen met iets wat jij hebt mogen ontdekken? Waarbij het wel fijn is dat ze het op hun beurt niet toeeigenen, maar degene erkennen die hen in staat heeft gesteld om die oefeningen verder te verspreiden en/of te bewerken. Spookie vindt Creative Commons een stap in de goede richting.
Verbieden is iets wat we ook te pas en te onpas als oplossing uit de kast trekken. Als filmliefhebber wordt ik er, om met iets kleins te komen, nogal eens gek van. Hoeveel uur zal ik thuis voor de dvd-speler niet verplicht hebben gekeken naar alles wat ik niet mag (je kunt niet meteen naar menu), vaak met een extra waarschuwend filmpje, voor ik mag gaan kijken (en dan krijg je ook nog het verhaal dat de opmerkingen van de acteurs niet die van de filmmaatschappij weerspiegelen ...etc.- waar zijn we mee bezig- wat een angst). Laatst zag ik op de dvd van de tv-serie Warehouse 13 eindelijk eens een alternatief. De kijker werd aan het begin bedankt voor het aanschaffen van deze film, waarmee hij het werk van de makers steunt. Een veel betere insteek en initiatieven als Creative Commons gaan daar mee verder. Aan het eind van zijn lezing noemt Lawrence Lessig dit terecht The Age of Prohibition.
Zelfs zonder web 2.0 vindt Spookie al dat er iets aan zou moeten gebeuren, laat staan binnen die nieuwe context. Kijk eens naar het afschrikwekkende woud dat Paul Gorrisen tevoorschijn tovert als je binnen de huidige bepalingen creatief aan de slag wilt op web 2.0. Opvallend vond ik hoeveel foto's per willekeurig trefwoord nu al via Creative Commons beschikbaar worden gesteld. Erg bemoedigend. Bronvermelding blijft wel belangrijk, maar meer uit respect voor degene die de oorspronkelijke creatieve inval had en om het makkelijk te maken om met diegene contact te leggen (of in ieder geval te kunnen traceren waar het vandaan komt). Meer dan de naam van diegene en de titel van het betreffende werk zou van Spookie overigens niet hoeven in het dagelijks gebruik.
Ik ben zelf schrijver en in mijn boeken staat ook de dikke c van copyright vermeld. Maar ik ga nu wel met de uitgever praten over de mogelijkheden van Creative Commons, die ik voorheen niet kende.
donderdag 10 maart 2011
DING 26 PRIVACY EN VEILIGHEID
Als je denkt dat veiligheid op web 2.0 nu al een issue is (en dat klopt), lees dan mijn blog over de ontwikkeling van HTML5 (blogbericht HTML5 WILL EAT YOU ALIVE - 2010). Daar schreef ik al het volgende over privacy:
"Overigens heb ik wel een dubbel gevoel bij de termen privacy en veiligheid. Aan de ene kant vind ik dat we er teveel over zeuren. Als je je hele hebben en houwen op het web gooit, moet je er niet vreemd van opkijken dat het overal opduikt en het voor van alles wordt gebruikt. Dan doe je hetzelfde als de ontwerpers van deze taal - je ziet wel wat er van komt; een self fulfilling prophesy if ever there was one. Maar ook als je voorzichtiger bent, maken we ons er volgens mij vaak nodeloos druk om dat anderen van alles over ons weten. Nou en? Als je denkt dat je zo kunt tegenhouden dat er van alles over je gedacht wordt, heb je het mis. Mogelijk menen ze bij Albert Heijn, vanwege het feit jij via hun webwinkel toiletpapier voor de hele voetbalvereniging inkoopt, inderdaad dat het met jouw spijsvertering slecht gesteld is. So what? Het lijkt me gezond dat wij ons eens wat minder bezig houden met wat voor indruk anderen van ons zouden kunnen hebben (horen jullie dat verstokte bloggers, twitteraars, facebooklingen - knoop het in je ..... juist).
Nee, het wordt pas problematisch als wij belangrijke dingen te verbergen hebben (maar doe daar dan wat aan of verberg ze desnoods beter). Of als we ons kwetsbaar maken voor een vloedgolf aan manipulerende advertentietrucs dan wel voor officieel criminele activiteiten. Dat laatste baart wel degelijk echt zorgen, want er komt steeds meer informatie over jou beschikbaar die op allerlei manieren van pas kan komen in criminele circuits (en je moet nu al het aantal mensen de kost geven dat prive een standaardmelding op hun e-mail achterlaat die precies aangeeft tot wanneer ze op vakantie zijn).
Nog wel een aantekening. Wat ik over privacy en veiligheid schrijf betreft volwassenen. Ik ben het met trendwatcher Vincent Evers eens dat vele risico's bekend mogen zijn en dat dat niets nieuws is. Maar kinderen en jongeren moeten hier wel voortdurend expliciet over geinformeerd worden (ook schone taak voor de bibliotheek). Zij moeten zich realiseren dat wat ze op het web plaatsen misschien wel hun hele leven aanwezig blijft. Leer ze bewust te kijken of dat gevolgen kan hebben en of het je dat waard is. (In elk medium schuilt dit risico rond privegegevens, zelfs bij briefschrijven of telefoneren, maar de gevolgen zijn permanenter en meer wereldomvattend geworden.) "
Treffend genoeg stond vanochtend de uitslag van de Big Brother Awards in de krant die burgerrechtenbeweging BOF (Bits of Freedom) gisteren uitreikte. Wat blijkt? Volgens hen was de overheid vorig jaar de grootste schender van de privacy van Nederlanders! Hoe veilig kun je je voelen?
Ook als je ergens alleen maar als vriend aanschuift, kun je opeens voor willekeurige advertenties gebruikt worden (Facebook wil dit bijvoorbeeld doen). Sta je als vegetarier ineens bij een ad voor McDonalds of zoiets. Maar voor we verwijten naar anderen gaan rondslingeren is het goed eens naar ons eigen gedrag te kijken. Als jij op Flickr je vakantiefoto's publiek toegankelijk maakt, heb je er dan bij nagedacht of de andere personen op die foto's dat op prijs stellen? Hun beeltenis kan nu ook voor van alles gebruikt worden.
Datzelfde geldt voor beeldmateriaal dat wij van evenementen in Bibliotheek Kennemerwaard maken en daarvoor hebben wij dan ook een privacystatement, privacyregeling en gedragsregels opgesteld.
Spookie googelde zichzelf al af en toe wegens zijn schrijverschap (waarvoor egofeeds een uitkomst zijn). Stel (willekeurig voorbeeld ;-)) dat Spookie Raoul de Haan zou zijn, dan vindt hij buiten zijn boeken, lezingen e.d. niet alleen een oude doctoraalscriptie, maar ook een werk over Friese voornamen dat hij toch echt niet geschreven heeft. Er zijn meer Raoul de Haans en het is erg verstandig om daar met indrukken van anderen rekening mee te houden. Gelukkig zijn er geen porno-acteurs met die naam, anders heb je bij een sollicitatie meteen wat uit te leggen (als je überhaupt nog opgeroepen wordt). Vergeet niet dat bij sollicitaties jouw naam ook gegoogeld gaat worden. En niet iedereen is bereid voorbij een eerste indruk te kijken of nog iets te vragen.
"Overigens heb ik wel een dubbel gevoel bij de termen privacy en veiligheid. Aan de ene kant vind ik dat we er teveel over zeuren. Als je je hele hebben en houwen op het web gooit, moet je er niet vreemd van opkijken dat het overal opduikt en het voor van alles wordt gebruikt. Dan doe je hetzelfde als de ontwerpers van deze taal - je ziet wel wat er van komt; een self fulfilling prophesy if ever there was one. Maar ook als je voorzichtiger bent, maken we ons er volgens mij vaak nodeloos druk om dat anderen van alles over ons weten. Nou en? Als je denkt dat je zo kunt tegenhouden dat er van alles over je gedacht wordt, heb je het mis. Mogelijk menen ze bij Albert Heijn, vanwege het feit jij via hun webwinkel toiletpapier voor de hele voetbalvereniging inkoopt, inderdaad dat het met jouw spijsvertering slecht gesteld is. So what? Het lijkt me gezond dat wij ons eens wat minder bezig houden met wat voor indruk anderen van ons zouden kunnen hebben (horen jullie dat verstokte bloggers, twitteraars, facebooklingen - knoop het in je ..... juist).
Nee, het wordt pas problematisch als wij belangrijke dingen te verbergen hebben (maar doe daar dan wat aan of verberg ze desnoods beter). Of als we ons kwetsbaar maken voor een vloedgolf aan manipulerende advertentietrucs dan wel voor officieel criminele activiteiten. Dat laatste baart wel degelijk echt zorgen, want er komt steeds meer informatie over jou beschikbaar die op allerlei manieren van pas kan komen in criminele circuits (en je moet nu al het aantal mensen de kost geven dat prive een standaardmelding op hun e-mail achterlaat die precies aangeeft tot wanneer ze op vakantie zijn).
Nog wel een aantekening. Wat ik over privacy en veiligheid schrijf betreft volwassenen. Ik ben het met trendwatcher Vincent Evers eens dat vele risico's bekend mogen zijn en dat dat niets nieuws is. Maar kinderen en jongeren moeten hier wel voortdurend expliciet over geinformeerd worden (ook schone taak voor de bibliotheek). Zij moeten zich realiseren dat wat ze op het web plaatsen misschien wel hun hele leven aanwezig blijft. Leer ze bewust te kijken of dat gevolgen kan hebben en of het je dat waard is. (In elk medium schuilt dit risico rond privegegevens, zelfs bij briefschrijven of telefoneren, maar de gevolgen zijn permanenter en meer wereldomvattend geworden.) "
Treffend genoeg stond vanochtend de uitslag van de Big Brother Awards in de krant die burgerrechtenbeweging BOF (Bits of Freedom) gisteren uitreikte. Wat blijkt? Volgens hen was de overheid vorig jaar de grootste schender van de privacy van Nederlanders! Hoe veilig kun je je voelen?
Ook als je ergens alleen maar als vriend aanschuift, kun je opeens voor willekeurige advertenties gebruikt worden (Facebook wil dit bijvoorbeeld doen). Sta je als vegetarier ineens bij een ad voor McDonalds of zoiets. Maar voor we verwijten naar anderen gaan rondslingeren is het goed eens naar ons eigen gedrag te kijken. Als jij op Flickr je vakantiefoto's publiek toegankelijk maakt, heb je er dan bij nagedacht of de andere personen op die foto's dat op prijs stellen? Hun beeltenis kan nu ook voor van alles gebruikt worden.
Datzelfde geldt voor beeldmateriaal dat wij van evenementen in Bibliotheek Kennemerwaard maken en daarvoor hebben wij dan ook een privacystatement, privacyregeling en gedragsregels opgesteld.
Spookie googelde zichzelf al af en toe wegens zijn schrijverschap (waarvoor egofeeds een uitkomst zijn). Stel (willekeurig voorbeeld ;-)) dat Spookie Raoul de Haan zou zijn, dan vindt hij buiten zijn boeken, lezingen e.d. niet alleen een oude doctoraalscriptie, maar ook een werk over Friese voornamen dat hij toch echt niet geschreven heeft. Er zijn meer Raoul de Haans en het is erg verstandig om daar met indrukken van anderen rekening mee te houden. Gelukkig zijn er geen porno-acteurs met die naam, anders heb je bij een sollicitatie meteen wat uit te leggen (als je überhaupt nog opgeroepen wordt). Vergeet niet dat bij sollicitaties jouw naam ook gegoogeld gaat worden. En niet iedereen is bereid voorbij een eerste indruk te kijken of nog iets te vragen.
woensdag 9 maart 2011
DING 25 SCREENCASTING
Aaaaaaaargh (Vulcan voor 'het is me niet helemaal gelukt en gezien de geinvesteerde tijd is dat best wel behoorlijk teleurstellend'). Screencast-o-matic sprak me erg aan, omdat je er geen software voor hoeft te installeren en meteen aan de slag kunt. Spookie had verzonnen om zonder tekst via het scherm iedereen in de wereld in een paar eenvoudige stappen via IMDB naar een trailer van de niet te versmaden vakfilm (trilogy inmiddels) The Librarian te leiden. De opname lukte nog wel, al werd er niet goed naar beschikbare tools verwezen, maar daarna raakte het geheel tot drie keer zoek en is deze ruimtereiziger voor het eerst in 23Dingenland even gestrand. Durven opgeven is ook best een ervaring.
De screencast van screen-o-matic zelf vond ik wat kort door de bocht. Het geeft op het scherm aan hoe je het opnameveld kunt bepalen, maar voor de rest wordt je vooral verteld wat je er verder mee zou kunnen i.p.v. hoe je nu meteen aan de slag kunt. (Ik vind het ook niet echt screencasting als je vertelt wat er mogelijk is en dan af en toe een plaatje laat zien). Daarna kun je overstappen naar vervolgcasts die vooraf niet altijd even duidelijk aangeven waar ze in wezen over gaan.Screencasting is een hele kunst, ook wat betreft het stemgebruik. In de meeste voorbeelden ter orientatie was het of dodelijk saai of vreselijk veramerikaansd.
Spookie vindt het voor bibliotheken zeker een nuttig instrument al gapen er wel grote valkuilen. De grootste heb ik op een eerder blogbericht al eens aangegeven: dat we klakkeloos onze praktijkservice digitaal gaan maken. Ergo: uitleg van de zelfserviceapparatuur via screencasting of hoe je de catalogus gebruikt. Saai, voorspelbaar en zitten klanten er op te wachten (als pop-up zou het nog nuttig kunnen zijn)? Laten we ons bedenken of wij daar als klant van bijvoorbeeld een bank zelf behoefte aan zouden hebben. Wat dan wel?
Inspringend op mijn vorige bericht vind ik het bijvoorbeeld wel wat voor mediawijsheid - bij de vraag hoe wij de klanten duidelijk kunnen maken dat zij ons hierbij nodig hebben. Stel je een screencast voor die laat zien hoe je hopeloos kunt verdwalen op internet of volledig onbetrouwbare informatie opdiept of je privegegevens te grabbel gooit. Precies het tegengestelde van wat je zou verwachten. Je kunt ze ludiek maken, zodat ze de aandacht trekken en aan het eind van elke screencasting suggereren dat men om dit te voorkomen eens fysiek of digitaal bij de bibliotheek zou kunnen aankloppen. De bibliotheek als onmisbare partner op het web - daar willen we toch heen?
De screencast van screen-o-matic zelf vond ik wat kort door de bocht. Het geeft op het scherm aan hoe je het opnameveld kunt bepalen, maar voor de rest wordt je vooral verteld wat je er verder mee zou kunnen i.p.v. hoe je nu meteen aan de slag kunt. (Ik vind het ook niet echt screencasting als je vertelt wat er mogelijk is en dan af en toe een plaatje laat zien). Daarna kun je overstappen naar vervolgcasts die vooraf niet altijd even duidelijk aangeven waar ze in wezen over gaan.Screencasting is een hele kunst, ook wat betreft het stemgebruik. In de meeste voorbeelden ter orientatie was het of dodelijk saai of vreselijk veramerikaansd.
Spookie vindt het voor bibliotheken zeker een nuttig instrument al gapen er wel grote valkuilen. De grootste heb ik op een eerder blogbericht al eens aangegeven: dat we klakkeloos onze praktijkservice digitaal gaan maken. Ergo: uitleg van de zelfserviceapparatuur via screencasting of hoe je de catalogus gebruikt. Saai, voorspelbaar en zitten klanten er op te wachten (als pop-up zou het nog nuttig kunnen zijn)? Laten we ons bedenken of wij daar als klant van bijvoorbeeld een bank zelf behoefte aan zouden hebben. Wat dan wel?
Inspringend op mijn vorige bericht vind ik het bijvoorbeeld wel wat voor mediawijsheid - bij de vraag hoe wij de klanten duidelijk kunnen maken dat zij ons hierbij nodig hebben. Stel je een screencast voor die laat zien hoe je hopeloos kunt verdwalen op internet of volledig onbetrouwbare informatie opdiept of je privegegevens te grabbel gooit. Precies het tegengestelde van wat je zou verwachten. Je kunt ze ludiek maken, zodat ze de aandacht trekken en aan het eind van elke screencasting suggereren dat men om dit te voorkomen eens fysiek of digitaal bij de bibliotheek zou kunnen aankloppen. De bibliotheek als onmisbare partner op het web - daar willen we toch heen?
dinsdag 1 maart 2011
DING 24 MEDIAWIJSHEID
Spookie heeft de mediawijsheidstest doorstaan met een score van 88% (precies 1 fout per categorie) wat voor een Vulcan natuurlijk bedroevend laag is. Maar voor een bibliotheekmedewerker helemaal niet beroerd.
Ik vond het visiedocument van bibliotheek Rotterdam erg helder en werkbaar. “Mediawijsheid is kritisch en kundig de weg naar betrouwbare kennis en informatie vinden.” Prima definitie, al meen ik media-eigenwijs als ik ben dat het ook erg interessant en belangrijk is om onbetrouwbare informatie te vinden ... zolang je weet dat dat zo is en waar het hem in zit.
Hoe de bibliotheek invulling kan geven aan haar rol van coach, gids en leerinstituut als continu proces is in een dergelijk stuk al behoorlijk uitgediept. Maar ik mis de vraag er omheen, waar ook in het Rotterdamse document niet op wordt ingegaan. Namelijk hoe maken wij aan de klanten duidelijk dat zij op dit gebied ondersteuning kunnen gebruiken en dat zij daarvoor het best bij ons kunnen zijn? Dat wij dat zelf vinden is niet genoeg. In de fysieke bibliotheek lukt ons dat al niet voldoende, laat staan digitaal. Daar is Spookie al in een klein team over aan het meedenken. Erg leuke uitdaging voor ons allemaal.
In de week van de mediawijsheid zou ik dan ook om te beginnen een meet & greet met onze mediadeskundigen willen voorstellen, voorzien van eigen presentaties - zowel virtueel als in de bieb.
Ik vond het visiedocument van bibliotheek Rotterdam erg helder en werkbaar. “Mediawijsheid is kritisch en kundig de weg naar betrouwbare kennis en informatie vinden.” Prima definitie, al meen ik media-eigenwijs als ik ben dat het ook erg interessant en belangrijk is om onbetrouwbare informatie te vinden ... zolang je weet dat dat zo is en waar het hem in zit.
Hoe de bibliotheek invulling kan geven aan haar rol van coach, gids en leerinstituut als continu proces is in een dergelijk stuk al behoorlijk uitgediept. Maar ik mis de vraag er omheen, waar ook in het Rotterdamse document niet op wordt ingegaan. Namelijk hoe maken wij aan de klanten duidelijk dat zij op dit gebied ondersteuning kunnen gebruiken en dat zij daarvoor het best bij ons kunnen zijn? Dat wij dat zelf vinden is niet genoeg. In de fysieke bibliotheek lukt ons dat al niet voldoende, laat staan digitaal. Daar is Spookie al in een klein team over aan het meedenken. Erg leuke uitdaging voor ons allemaal.
In de week van de mediawijsheid zou ik dan ook om te beginnen een meet & greet met onze mediadeskundigen willen voorstellen, voorzien van eigen presentaties - zowel virtueel als in de bieb.
woensdag 16 februari 2011
VerdiepDingen: Eerste opdracht
Er zit een groot verschil bij Spookie tussen wat hij privé en zakelijk met 23Dingen heeft gedaan en hoe hij er tegenaan kijkt. Persoonlijk moet ik weinig van de meeste sociale media hebben (m.u.v. wiki's en vergelijkbare toepassingen - zie eerdere blogberichten). Dat ligt niet aan de media zelf, maar aan het gebruik dat het gros van de mensheid er van maakt. Neem de smartphone. Zoals onlangs in Frankwatching te lezen viel, waar dit instrument terecht omschreven werd als de lijm (koppeling) tussen de fysieke en de virtuele wereld, is bijvoorbeeld het grote voordeel van de smartphone dat je kunt kijken, luisteren, lezen en kopen waar en wanneer je dat wilt. Dat is ook een erg mooi gegeven. Helaas hebben wij en masse besloten dat dat betekent dat we het overal en altijd moeten doen. We kijken nauwelijks meer op, wat letterlijk het geval was in een recent YouTube filmpje waaarin iemand met een smartphone rechtsstreeks een fontein in liep. Augmented reality anyone? Dagelijks zit ik tussen horden treinreizigers die het instrument zijn geworden van hun smartphone i.p.v. andersom. Privé heeft Spookie geen smartphone, zakelijk wel. Zakelijk is de smartphone juist door die koppelingsfunctie van essentieel belang voor onze digitale strategie.
Privé maak ik inmiddels voornamelijk gebruik van zorgvuldig geselecteerde RSS-feeds (ook egofeeds) en een aantal verschillende wiki-toepassingen. Tevens ben ik een spiritueel weblog aan het opzetten. Zakelijk houd ik me met vrijwel alles bezig (zeker nu ik 23Dingencoach ben geworden). Ik houd me van de nieuwe ontwikkelingen goed op de hoogte en vind dat ook fascinerend. Deze veranderingen hebben ongekende mogelijkheden en ik hoop dat we daar steeds bewuster mee om leren gaan. Zo heb ik vanochtend de vergelijking tussen de Windows Phone 7, Apple's Android iPhone en Google's Android gevolgd en even naar de nieuwe apps voor bioscoopkaartjes en gratis condooms (in New York, da's dan weer jammer ;-)) gekeken, alsmede het onderzoek naar hoe irritant smartphonebezitters advertenties op mobiele websites vinden.
Twee weken geleden stond er een paginagroot artikel in de krant over hoeveel toekomstbeelden uit Star Trek nu al praktijk zijn geworden via o.a. apps op je smartphone. De smartphone als tricorder. Spookie had dat natuurlijk, gezien zijn alias, al begrepen. Als je goed naar Star Trek kijkt, zie je ook hoe we er mee om zouden kunnen (moeten) gaan. Nooit is de bemanning geheel afhankelijk van de apparatuur. Ze behouden en ontwikkelen hun eigen kennis en vaardigheden er ook los van. Hier is inderdaad sprake van toegevoegde werkelijkheid waar uit nut en gemak voor gekozen wordt. Erg leerzaam.
Spookie neemt met veel plezier deel aan de brainstormsessies over de digitale strategie voor Kennemerwaard. Ik ben een voorstander van (zoals eerder vermeld) digitale goodwillguerilla-acties; meer prikkelen met verrassende (i.p.v. structurele) aanwezigheid op de diverse digitale podia. En daarbij opvallen. Wordt (gelukkig) vervolgd.
zondag 12 december 2010
DING 23
23 Dingen is voor bibliotheekwerk een uitkomst, niet alleen omdat het onze deskundigheid met betrekking tot web 2.0 verhoogt, zodat wij vanuit de bibliotheek beter als gids kunnen werken in deze nieuwe informatiestroom, maar ook omdat wij het in feite spelenderwijs kunnen ervaren en zo af en toe daarbij onze functie vergeten om meer vanuit de gebruikers van de sociale media te kunnen kijken naar wat de bibliotheek zou kunnen bijdragen.
Het sterkst vindt Spookie dan ook de speelse benadering. Geen strakke opdrachten met ditto rapportages, maar weergaven van je ervaring, waarbij je zelf kunt bepalen hoe ver en diep je wilt gaan. Er van uit gaand dat je vanzelf geprikkeld zult raken. Complimenten voor die opzet. Coaches waar je zo even kunt binnenlopen, die je uitdagen, enthousiasmeren,bij de les houden, relativeren, ondersteunen en waar je mee kunt lachen (en die je niet op pad sturen met een rood shirt) zijn daarbij essentieel. Angelonmychest fits the bill wonderfully.
Wat voor Spookie met name veranderd is, is dat hij het nieuws m.b.t. web 2.0 (en web 3.0 - het semantische web) nauwkeuriger is gaan volgen en zal blijven doen. Bovendien ga ik begin volgend jaar een weblog opstarten vanuit mijn sjamanistische ervaringen. De zin en onzin is mij veel duidelijker geworden. Wat dat betreft blijft Doctor Who mijn voorbeeld - een buitenstaander die gefascineerd wordt door elke nieuwe technologie en toepassing, maar die nooit uit het oog verliest wat je er mee kwijt raakt, waar het voor moet dienen, of dat ook lukt en of je het wilt. In Silence in the Library wandelt The Doctor in de 51ste eeuw een bibliotheek met de omvang van een planeet binnen: "Books. People never really stop loving books. By now you've got holovids, direct-to-brain downloads, fiction-mist ... But you need the smell. The smell of books." Via de I-Pad heb ik ervaren dat stripverhalen (waar Spookie veel in leest) op een flink aantal punten beter tot hun recht komen als e-book. Maar dit weekend kreeg ik via een journaliste een unieke uitgave in handen van het poetisch epos Martin Fierro van Hernandez dat gaat over het leven van een Argentijnse veedrijver en is gebonden in opgespannen runderhuid. Iets dergelijks heeft digitaal nooit een gelijke, net zo min als bijvoorbeeld de cd-uitvoeringen van De Kift.
Trendgeil als we door de bank genomen zijn, vergeten we nogal eens na te denken of naar ons echte gevoel te luisteren. In Rise of te Cybermen lopen mensen in een paralelle wereld met oorapparaatjes in die hen ineens overnemen en tot stilstand brengen. The Doctor en Rose onderzoeken de technologie. Rose: "Like Bluetooth attachments but everyone is connected together. News, sports, weather ... They get it direct. Downloaded right into their brains." The Doctor: "You lot, you're obsessed. You'll do anything for the latest upgrade." Als je denkt dat dit verre toekomst is, heb je het mis. In een krantenartikel over Kinect stond onlangs dat er op dit moment al druk geexperimenteerd wordt met het aansturen van beelden op je scherm via gedachtengolven.
Revolutionair is op dit moment Chrome OS - Google's nieuwe besturingssysteem. Een compleet operating system dat niet meer behelst dan een internetbrowser. Al je bestanden, programma's en wat je nog meer op een normale computer bewaart, staan dan niet meer op een fysieke plaats, maar zweven ergens in een beveiligd wolkje op het internet. Dat heeft grote voordelen, want vanaf elke internetpc heb je dan toegang tot je eigen programma's (en als de jouwe crasht of gestolen wordt, is er verder niets aan de hand). Maar het betekent ook dat je zonder internetverbinding (tijdelijke uitval of iets dergelijks) nergens bent en je kostbare bestanden ergens rondzweven zonder dat je er bij komt. "Zijn we er klaar voor?" vraagt journalist Julien Althuisius zich wijselijk af. Door 23Dingen begrijp ik veel beter waar dit om gaat en kan ik meer overwogen keuzes maken. Dat zou echt voor iedereen moeten gelden, los van welk beroep je ook beoefent.
Zoals uit mijn blogberichten blijkt, waad je bij web 2.0 al gauw door een berg vervelingsuitingen, reclame en andere rotzooi. Soms lijkt het net bezigheidstherapie die zijn doel volledig voorbijstreeft. Maar de parels maken het weer de moeite waard en dat zijn voor Spookie met name de applicaties waarbij mensen hun kennis en creativiteit naar voren kunnen brengen zoals dat eerder niet kon. Wiki's gebruiken de kennis van iedereen, op YouTube kunnen artiesten zich op de kaart zetten zonder filtering door een platenmaatschappij, ongepubliceerde auteurs kunnen bijvoorbeeld hun werk via LibraryThing laten bespreken, met GoogleDocs kun je over de hele wereld gezamenlijk documenten opstellen etc. Dat zijn grote geschenken.
Ik heb hier veel plezier aan beleefd, maar kan het niet laten om met een ongepaste Star Trek quote te eindigen (uit de serie Next Generation):
"I hate this! I really hate this!" -- Data
"More?" -- Guinan
"Please" -- Data
woensdag 8 december 2010
DING 22
Laura Cohens manifesto is balsem voor de ziel. Het doet me denken aan het manifest van Oriah Mountain Dreamer dat ik ooit onder de titel 'de uitdaging' in handen kreeg. Later heeft ze het uitgewerkt tot het boek Reis naar het binnenste van de ziel; op weg naar een nieuw leven. In 1 ruk geschreven uit frustratie, na weer een feestlang over niets gepraat te hebben, begint het als volgt: "Het interesseert me niet wat voor werk je hebt. Ik wil weten wat je verlangens zijn en of je durft te dromen over dat waar je hart naar hunkert ..." Het is een van de mooiste hartekreten die ik gehoord heb en juist in deze tijd van web 2.0 toepassingen weer volledig actueel. Cohen heeft het vergelijkbaar over een uitdaging en over een andere manier van denken, een verandering van onze houding. Ik kende dit manifest niet, maar als je mijn weblog gevolgd hebt, zul je begrijpen dat ik me er helemaal in kan vinden (inclusief het gevaar van technolust). De overige artikelen zijn hier uitvloeisels van, waarbij de Spookie Spocknorm (wie kent hem nog) nogal eens overtreden wordt.
Spookies visie op bibliotheek 2.0 mag zowel genuanceerd als ongenuanceerd uit zijn hele blogbeleving bekend zijn (scroll het er nog eens op na). Maar de essentie komt op het volgende neer:
Durf eens alles los te laten tot op de pure kern van het bibliotheekwerk (de kern die het enige is dat heilig mag zijn). Waar ben je nu? Wie ben je nu? Je bent bij leesbevordering en het stimuleren van het vrije verkeer van informatie. That's it. Jij bent als bibliotheekmedewerker een leesbevorderaar en informatiebemiddelaar pur sang. En als het goed is kun je dat in elke omgeving zijn. De enige manier om echt in bibliotheek 2.0 terecht te komen, is om die kern te koesteren en daarnaast, zoals bij 23dingen, onbevangen web 2.0 te ervaren - je erin te gooien en kijken wat blijft kleven. Dwars door de blogs van medecursisten lezend, krijg je al een prima beeld van wat 2.0klanten zouden willen: verleid worden, geprikkeld worden, deelnemen, co-creeren, overal aan ruiken, wegwijs gemaakt worden, voorgelicht worden, aanbevelingen krijgen, uitwisselen ... en ga zo maar door. Nu is het de kunst om niet je dagelijkse dienstverlening klakkeloos een digitaal jasje te geven, maar om te kijken wat die omschreven kale kern van je bibliotheekwerk kan betekenen in 2.0werelden en wat 2.0 werelden kunnen betekenen voor je kern. Want die 2.0klanten zijn inmiddels het grootste deel van de maatschappij. Als je daar eenmaal uit bent, kun je pas terugkeren naar je fysieke dienstverlening en kijk je wat je daarvan kunt en wilt behouden. Dat lef wordt in deze tijd gevraagd.
Een oude bibliotheekwerkwijze zou bijvoorbeeld zijn (en dat hoor je nog veel in bibliotheekland) om nu een enkele 2.0toepassing te kiezen en daar helemaal voor te gaan, dat goed te doen. Maar de wereld van web2.0 verandert razendsnel, is uiterst trendgevoelig, dus dan loop je zo weer achter. Ik herken in Cohens werk iets van wat ik met goodwillguerillas op internet bedoelde. Veel prikkelacties met een hoge herkenbaarheidsfactor en aan te passen aan (toe te passen op) elke nieuw ontwikkeling. Flexibel teams die projectmatig met web 2.0 aan de slag gaan, cocreerend met klanten en inspirerend vanuit het hele bibliotheekwerk (en er naar toe).Waarbij we gebruik maken van elkaars expertise (die vanuit 23dingen in de praktijk doorontwikkeld wordt). Dan kan er iets ontstaan wat ik werkelijk bibliotheek 2.0 durf te noemen.
Spookies visie op bibliotheek 2.0 mag zowel genuanceerd als ongenuanceerd uit zijn hele blogbeleving bekend zijn (scroll het er nog eens op na). Maar de essentie komt op het volgende neer:
Durf eens alles los te laten tot op de pure kern van het bibliotheekwerk (de kern die het enige is dat heilig mag zijn). Waar ben je nu? Wie ben je nu? Je bent bij leesbevordering en het stimuleren van het vrije verkeer van informatie. That's it. Jij bent als bibliotheekmedewerker een leesbevorderaar en informatiebemiddelaar pur sang. En als het goed is kun je dat in elke omgeving zijn. De enige manier om echt in bibliotheek 2.0 terecht te komen, is om die kern te koesteren en daarnaast, zoals bij 23dingen, onbevangen web 2.0 te ervaren - je erin te gooien en kijken wat blijft kleven. Dwars door de blogs van medecursisten lezend, krijg je al een prima beeld van wat 2.0klanten zouden willen: verleid worden, geprikkeld worden, deelnemen, co-creeren, overal aan ruiken, wegwijs gemaakt worden, voorgelicht worden, aanbevelingen krijgen, uitwisselen ... en ga zo maar door. Nu is het de kunst om niet je dagelijkse dienstverlening klakkeloos een digitaal jasje te geven, maar om te kijken wat die omschreven kale kern van je bibliotheekwerk kan betekenen in 2.0werelden en wat 2.0 werelden kunnen betekenen voor je kern. Want die 2.0klanten zijn inmiddels het grootste deel van de maatschappij. Als je daar eenmaal uit bent, kun je pas terugkeren naar je fysieke dienstverlening en kijk je wat je daarvan kunt en wilt behouden. Dat lef wordt in deze tijd gevraagd.
Een oude bibliotheekwerkwijze zou bijvoorbeeld zijn (en dat hoor je nog veel in bibliotheekland) om nu een enkele 2.0toepassing te kiezen en daar helemaal voor te gaan, dat goed te doen. Maar de wereld van web2.0 verandert razendsnel, is uiterst trendgevoelig, dus dan loop je zo weer achter. Ik herken in Cohens werk iets van wat ik met goodwillguerillas op internet bedoelde. Veel prikkelacties met een hoge herkenbaarheidsfactor en aan te passen aan (toe te passen op) elke nieuw ontwikkeling. Flexibel teams die projectmatig met web 2.0 aan de slag gaan, cocreerend met klanten en inspirerend vanuit het hele bibliotheekwerk (en er naar toe).Waarbij we gebruik maken van elkaars expertise (die vanuit 23dingen in de praktijk doorontwikkeld wordt). Dan kan er iets ontstaan wat ik werkelijk bibliotheek 2.0 durf te noemen.
DING 21
Spookie lijkt gezien de afbeelding het Aquabrowsen niet erg serieus te nemen. Dat is helaas grotendeels waar. En gezien mijn eerdere stekelige opmerkingen met betrekking tot de BICAT-catalogus is er op dit punt ook wel wat stoom uit Spookies oren te verwachten. Zijn er voordelen? Ja, de aankleding is wat uitnodigender en er zijn wat meer (maar nog steeds lang niet voldoende) zoekmogelijkheden. Maar hoe is het mogelijk dat met al deze 2.0-vindingen het maar niet lukt om er bij het ontwikkelen eens een klant voor te zetten met wat zoektermen en te kijken wat er gebeurt!!! Spookie blijft er op laseren. Dus maar eens een praktisch voorbeeld met hemzelf als proeftribble.
Ik schuif aan bij de Aquabrowser van Bibliotheek Amsterdam. Ik wil weten wat ze van Eric Lustbader hebben, een favoriete auteur van Spookie. Ik tik zijn naam in. Aangezien deze auteur soms op zijn boeken ook als Eric van Lustbader vermeldt staat, wist BICAT daar zich geen raad mee, maar Aquabrowser begrijpt gelukkig wel dat het om dezelfde collectie werken gaat. Aan de linkerkant verschijnt een ludiek bedoeld associatief spinsel dat met voornamelijk idiote en volstrekt willekeurige verwijzingen komt. Zelf ben ik dol op associeren en op die manier van het ene product en het ene medium naar het andere te springen. Dat is echt mijn manier van denken. Maar als ik deze naam intik is het toch ridicuul te veronderstellen dat ik bijvoorbeeld over andere Erics ook iets wil weten (of over Jan Vayne via het tussenvoegsel 'van'). En als je dat toch veronderstelt lijkt me op dit moment Eric Cantona (associatie via banksystemen) een stuk relevanter dan de stripfiguur Eric de Noorman (die serieus verschijnt). (Als ik ditzelfde met onderwerpen doe, komt er iets meer interessants uit, maar nog steeds ongeveer 30 % waar ik in principe iets mee zou kunnen en 70% bagger - zoals eerlijk gezegd natuurlijk bij veel op web 2.0 ).
Lustbader staat bekend om zijn series, dus ik klik even in de rechterkantlijn op serie om een overzicht te krijgen (met enige hoop op verbetering, want BICAT maakt een ongelooflijke rotzooi van series). Ik krijg de vermelding van deel 4 uit de Bourne saga en 3 delen uit de Pearl saga. Waar zijn de andere Bourne delen, de Nicholas Linear serie, de volledige Pearl saga, de Drakenreeks? Dit is toch om te janken? Ik ben meteen weg als klant en zoek wel een serieuze boekwinkelcatalogus op.
Natuurlijk heeft dit met input te maken (en ik weet ook niet waarom daar altijd alleen in de goot geraakte Ferengi voor in aanmerking komen). En ik ben het ook eens dat zeker met de nieuwe media je niet moet wachten tot alles perfect is voordat je er iets in ontwikkelt, dan ben je te laat. Maar die bewering vooronderstelt wel dat je ongeveer 70% op orde hebt en bereid bent de rest al doende te leren en naar de praktijk aan te passen. Op die laatste punten moet de knop echt om. Nu ga je je fiets aanpassen aan de lichtsnelheid, terwijl je weet dat je door poreuze banden nog steeds om de vijf minuten bij moet pompen.
WORLDCAT is niet veel beter, met iets aardigere zoekmethoden, maar een aankleding die in een ziekenhuis moet zijn bedacht. Presentatie is zo belangrijk en op web 2.0 vooral in beeldende zin; mensen moeten zich ook op een webpagina thuisvoelen. (Hand in eigen boezem stekend zijn blogs als van Raven en La Jeunesse dan ook geslaagder dan die van Spookie, al kletst die wel lekker). En als Spookie ter vergelijking opnieuw Eric Lustbader intikt, blijken diens boeken ineens samen met Robert Ludlum geschreven (hij is alleen verder gegaan met diens karakter Jason Bourne) en nog een paar fictieve samenwerkingspartners. Hopen dat scholieren dat niet in hun werkstukken over gaan nemen. Bovendien hebben de grote F hier volledigheid betracht waardoor ik door 463 resultaten mag scrollen om een compleet overzicht te krijgen.
En het wemelt op web 2.0 van uitstekende zoekmethoden en catalogi, de voorbeelden liggen echt voor het oprapen (ga Flickr maar eens door).
Uithuilen en opnieuw beginnen.C-Wise is wel een aardige stap in richtingen als My Discoveries en LibraryThing. Als we maar niet achterover gaan leunen, maar de ontwikkelingen volgen, want er is nog veel aan te doen. Engage!
Ik schuif aan bij de Aquabrowser van Bibliotheek Amsterdam. Ik wil weten wat ze van Eric Lustbader hebben, een favoriete auteur van Spookie. Ik tik zijn naam in. Aangezien deze auteur soms op zijn boeken ook als Eric van Lustbader vermeldt staat, wist BICAT daar zich geen raad mee, maar Aquabrowser begrijpt gelukkig wel dat het om dezelfde collectie werken gaat. Aan de linkerkant verschijnt een ludiek bedoeld associatief spinsel dat met voornamelijk idiote en volstrekt willekeurige verwijzingen komt. Zelf ben ik dol op associeren en op die manier van het ene product en het ene medium naar het andere te springen. Dat is echt mijn manier van denken. Maar als ik deze naam intik is het toch ridicuul te veronderstellen dat ik bijvoorbeeld over andere Erics ook iets wil weten (of over Jan Vayne via het tussenvoegsel 'van'). En als je dat toch veronderstelt lijkt me op dit moment Eric Cantona (associatie via banksystemen) een stuk relevanter dan de stripfiguur Eric de Noorman (die serieus verschijnt). (Als ik ditzelfde met onderwerpen doe, komt er iets meer interessants uit, maar nog steeds ongeveer 30 % waar ik in principe iets mee zou kunnen en 70% bagger - zoals eerlijk gezegd natuurlijk bij veel op web 2.0 ).
Lustbader staat bekend om zijn series, dus ik klik even in de rechterkantlijn op serie om een overzicht te krijgen (met enige hoop op verbetering, want BICAT maakt een ongelooflijke rotzooi van series). Ik krijg de vermelding van deel 4 uit de Bourne saga en 3 delen uit de Pearl saga. Waar zijn de andere Bourne delen, de Nicholas Linear serie, de volledige Pearl saga, de Drakenreeks? Dit is toch om te janken? Ik ben meteen weg als klant en zoek wel een serieuze boekwinkelcatalogus op.
Natuurlijk heeft dit met input te maken (en ik weet ook niet waarom daar altijd alleen in de goot geraakte Ferengi voor in aanmerking komen). En ik ben het ook eens dat zeker met de nieuwe media je niet moet wachten tot alles perfect is voordat je er iets in ontwikkelt, dan ben je te laat. Maar die bewering vooronderstelt wel dat je ongeveer 70% op orde hebt en bereid bent de rest al doende te leren en naar de praktijk aan te passen. Op die laatste punten moet de knop echt om. Nu ga je je fiets aanpassen aan de lichtsnelheid, terwijl je weet dat je door poreuze banden nog steeds om de vijf minuten bij moet pompen.
WORLDCAT is niet veel beter, met iets aardigere zoekmethoden, maar een aankleding die in een ziekenhuis moet zijn bedacht. Presentatie is zo belangrijk en op web 2.0 vooral in beeldende zin; mensen moeten zich ook op een webpagina thuisvoelen. (Hand in eigen boezem stekend zijn blogs als van Raven en La Jeunesse dan ook geslaagder dan die van Spookie, al kletst die wel lekker). En als Spookie ter vergelijking opnieuw Eric Lustbader intikt, blijken diens boeken ineens samen met Robert Ludlum geschreven (hij is alleen verder gegaan met diens karakter Jason Bourne) en nog een paar fictieve samenwerkingspartners. Hopen dat scholieren dat niet in hun werkstukken over gaan nemen. Bovendien hebben de grote F hier volledigheid betracht waardoor ik door 463 resultaten mag scrollen om een compleet overzicht te krijgen.
En het wemelt op web 2.0 van uitstekende zoekmethoden en catalogi, de voorbeelden liggen echt voor het oprapen (ga Flickr maar eens door).
Uithuilen en opnieuw beginnen.C-Wise is wel een aardige stap in richtingen als My Discoveries en LibraryThing. Als we maar niet achterover gaan leunen, maar de ontwikkelingen volgen, want er is nog veel aan te doen. Engage!
dinsdag 7 december 2010
DING 20
Gaat het Spookie dan op de valreep nog lukken om ergens kort iets over te zeggen? Want online muziek beluisteren in een social network is gewoon erg leuk. En voor de bibliotheek betekent het eenvoudigweg je cd-collectie opdoeken en met zijn allen nog een tijdje tandenknarsen over het feit dat we zelf niet landelijk dan wel internationaal een service als last.fm of spotify hebben opgezet. Zou ook een bibliotheekding moeten zijn. Nu kunnen we alleen nog helderheid verschaffen in de verschillende keuzes. Beter een goede gids dan een verlopen conservator.Persoonlijk vindt Spookie de zorg die aan de uitvoering van een product is besteed ook van waarde (websites als FeelGoodies begrijpen dat ). Ik schaf dan ook nog steeds cd's aan en geniet er van ze in handen te hebben, maar gebruik de sites die via streaming werken om impressies te krijgen en ideeen op te doen. Al ben ik het met Nico Dijkshoorn eens dat er wel iets aan verrassing verloren gaat en het moeite doen om iets te pakken te krijgen ook zijn eigen charme heeft.
Last.fm en Spotify kende ik van naam en faam, maar Grooveshark was nieuw (via 23dingen kwam ik in tegenstelling tot een medecursist wel makkelijk in de eerste, maar had Spotify ineens moeite om een aantal geselecteerde nummers beschikbaar te krijgen; dit wisselt dus nog flink - zo kon Ajeto niet goed in Grooveshark komen, maar had ik vandaag geen enkel probleem) . Grooveshark werkt in mijn korte kennismaking meer met gegevens dan met beeldend materiaal en dat trekt mij meteen minder aan (weer die verpakking).
Voor beginners vind ik ze overigens geen van allen direct makkelijk toegankelijk. Zie mijn tips in mijn blogbericht Alle Wizkids opsluiten. Maar als je eenmaal wat gepuzzeld hebt, maak je het je wel eigen. En vervelend genoeg kwamen zelfs de meest obscure bands die ik inklopte overal zomaar boven drijven.
DING 19
Reallive Connections (RC) is 'the new thing' (je hoort het bij Puntoren voor het eerst). Het is een soort augmented reality waarbij je echte mensen van vlees en bloed ontmoet om in direct fullzintuiglijk contact ervaringen uit te wisselen. Natuurlijk is dat even eng in het begin, maar het voegt echt iets toe aan je digitale experience. (Het is overigens verstandig om dat niet meteen met honderd genodigden tegelijk te doen, dit is echt een ander medium).
Alle gekheid op een stickje - Spooky zul je voorlopig niet op Hyves, Facebook of vergelijkbare sites vinden. Leuke mogelijkheden en het wereldwijde aspect spreekt aan, maar ik besteed mijn tijd liever aan werkelijke contacten en heb het daar op een prettige manier druk genoeg mee. Gewoon een persoonlijke keus (bij de author optie van LibraryThing die ik op zich leuk vind, zit ook een mogelijkheid om als auteursgroep info uit te wisselen, maar ik geniet meer van de levendige auteursbijeenkomsten die ik via mijn uitgever aangeboden krijg en spreek graag individueel af met andere auteurs).
Als eerder gezegd heb ik wel flink moeite met de terminologie. Mensen waar je alleen maar informatie mee uitwisselt zijn niet je vrienden, hooguit kennissen of connecties. Ook iemand die in levende lijve een paar keer bij je langs komt is niet meteen een vriend. Dat lijkt een flauwe open deur, maar recent onderzoek heeft uitgewezen dat dergelijk structureel taalgebruik, of we het nu direct menen of niet, wel degelijk ons wereldbeeld en onze denkwijze beinvloedt. Het lijkt toch een soort van wish fullfillment (de Engelse termen druipen van je tong als je een tijdje 23dingt). Grappig is wat dat betreft het netwerk van bibliothecarissen die toekomstgericht denken. Zodra je je aanmeldt, ben je er dus een, hoef je verder niets aan te doen (self fullfilling membership?).
Nuttig en hoog tijd lijkt me de ontwikkeling van opensource social networking waarbij je voor de verschillende netwerken maar 1 keer hoeft in te loggen, 1 keer je gegevens in te voeren (OpenSocial OpenID). Niet alleen is het nu elke keer een gedoe, maar ik merk als 23dinger dat ik ook ongeduldig wordt en de voorwaarden voor deelname niet meer check. Zal wel goed zijn, geef me toegang. Daar schuilt een veiligheidsrisico.
Ik vraag mij af of wij naast onze website onze virtuele aantrekkelijkheid als bibliotheken niet wat overschatten door bijvoorbeeld meteen een Hyves site te willen beginnen. Laten we eerst eens in de reactiesfeer actief zijn en gerichte prikkelacties opzetten. Bibliotheekmedewerkers als goodwillguerilla's in de jungles van social networking. Daarnaast moeten we ook voor onze website eens kijken hoe verschillende sites op dit terrein zich presenteren. Er is nog veel te leren. Neem nou de digitale schoenzetactie met chicklitpakket van Dizzie.nl of de via de site op te lossen moordmysteries van misdaadschrijvers. Be inspired, be very inspired!
Alle gekheid op een stickje - Spooky zul je voorlopig niet op Hyves, Facebook of vergelijkbare sites vinden. Leuke mogelijkheden en het wereldwijde aspect spreekt aan, maar ik besteed mijn tijd liever aan werkelijke contacten en heb het daar op een prettige manier druk genoeg mee. Gewoon een persoonlijke keus (bij de author optie van LibraryThing die ik op zich leuk vind, zit ook een mogelijkheid om als auteursgroep info uit te wisselen, maar ik geniet meer van de levendige auteursbijeenkomsten die ik via mijn uitgever aangeboden krijg en spreek graag individueel af met andere auteurs).
Als eerder gezegd heb ik wel flink moeite met de terminologie. Mensen waar je alleen maar informatie mee uitwisselt zijn niet je vrienden, hooguit kennissen of connecties. Ook iemand die in levende lijve een paar keer bij je langs komt is niet meteen een vriend. Dat lijkt een flauwe open deur, maar recent onderzoek heeft uitgewezen dat dergelijk structureel taalgebruik, of we het nu direct menen of niet, wel degelijk ons wereldbeeld en onze denkwijze beinvloedt. Het lijkt toch een soort van wish fullfillment (de Engelse termen druipen van je tong als je een tijdje 23dingt). Grappig is wat dat betreft het netwerk van bibliothecarissen die toekomstgericht denken. Zodra je je aanmeldt, ben je er dus een, hoef je verder niets aan te doen (self fullfilling membership?).
Nuttig en hoog tijd lijkt me de ontwikkeling van opensource social networking waarbij je voor de verschillende netwerken maar 1 keer hoeft in te loggen, 1 keer je gegevens in te voeren (OpenSocial OpenID). Niet alleen is het nu elke keer een gedoe, maar ik merk als 23dinger dat ik ook ongeduldig wordt en de voorwaarden voor deelname niet meer check. Zal wel goed zijn, geef me toegang. Daar schuilt een veiligheidsrisico.
Ik vraag mij af of wij naast onze website onze virtuele aantrekkelijkheid als bibliotheken niet wat overschatten door bijvoorbeeld meteen een Hyves site te willen beginnen. Laten we eerst eens in de reactiesfeer actief zijn en gerichte prikkelacties opzetten. Bibliotheekmedewerkers als goodwillguerilla's in de jungles van social networking. Daarnaast moeten we ook voor onze website eens kijken hoe verschillende sites op dit terrein zich presenteren. Er is nog veel te leren. Neem nou de digitale schoenzetactie met chicklitpakket van Dizzie.nl of de via de site op te lossen moordmysteries van misdaadschrijvers. Be inspired, be very inspired!
maandag 6 december 2010
Anne en Max in 23dingenland
Vanuit de experience-economy naar een digitale strategie. Oftewel hoe kunnen we met de inspiratie vanuit o.a. 23dingen praktisch en met een gezonde basis aan de slag in Bibliotheek Kennemerwaard? Een week geleden stuurde worskshopleider Albert Boswijk ons als deelnemers in groepjes uiteen om tijdens de pauze de (eet)gelegenheid aan te grijpen om de waardepropositie van een lunchrestaurant te onderzoeken en te kijken hoe het personeel die uitdraagt. Klinkt saai? Niet als je bij Anne en Max in Alkmaar naar binnen gaat (met mede 23dingers Hanneke en Jos).
Bij binnenkomst geven wij aan via Bibliotheek Kennemerwaard gereserveerd te hebben. De juffrouw achter de kassa kijkt de halflege zaal rond en zegt dat haar niets van een reservering bekend is. Sterker nog, na enig napluizen blijkt dat ook helemaal niet te kunnen, want zij reserveren nooit voor onder de acht personen. Uitonzeduimzuigers zijn wij en duidelijk betrapt bij het euvele voornemen op slinkse wijze een tafeltje te willen bemachtigen in deze prestigieuze halflege gelegenheid.
Bij genade van een serveerster krijgen we toch een plek. Of we vast iets willen drinken? "Karnemelk", oppert Hanneke en dat is natuurlijk een erg domme opmerking in een lunchrestaurant. Zo kijkt tenminste de serveerster terwijl ze "hebben we niet" zegt. De volgende blik maakt duidelijk dat een intelligenter voorstel verwacht wordt.
Er ligt maar een menukaart. Als we vragen om een apart exemplaar per persoon is daar natuurlijk niet op gerekend en krijgen we te horen dat er wel meer onder de tijdschriften liggen, iets verderop. We wisselen geamuseerde fronsen uit. Dit moet in scene gezet zijn. Straks komt de cursusleider natuurlijk met brede glimlach binnenzeilen om de beelden met onze reacties terug te spelen. Ik kijk of ik Wendy van Dijk in de serveerster herken.
Toch maar iets bestellen, je weet nooit of het wat oplevert. "Blauwe kaas," leest Hanneke dapper uit het menu. "Die is op," luidt het antwoord voor de ongelukkige. Weer niet slim om te veronderstellen dat je alles dat op het menu staat zomaar kunt krijgen.We bestellen alle drie een bocaccio met verschillend beleg. Verrassend snel is de serveerster terug. Er zijn nog maar twee bocaccio's meldt zij - of het heel erg is als een van ons het beleg op een ander broodje krijgt. Er staan drie soorten bocaccio standaard op het menu, maar kennelijk was vandaag de dag van alleen beleg inkopen of is net de fanclub van AC Milan bij AZ op bezoek geweest die hier collectief zich rondgevreten hebben aan de exclusieve broodjes.
Inmiddels zijn de drankjes gearriveerd, maar Jos heeft geen melk of suiker bij zijn koffie. In de omtrek is ook niets te bekennen (nog even onder de tijdschriften gekeken). Hij vraagt vriendelijk of hij die nog kan krijgen. De meligheid slaat toe en we zitten te hikken van de lach. "Uiteraard," antwoordt de serveerster met een stralende glimlach. Oplettende lezertjes zullen inmiddels begrepen hebben dat het erg ondoordacht was van Jos om alleen naar de mogelijkheid te informeren. Er gebeurt dan ook verder niets. De normaal zo goed geluimde coach stuurt de serveerster nu een blik die een volwassen boom geveld zou hebben en dat levert in ieder geval de suiker op. Bij een tweede rondgang ook de melk.
Natuurlijk is de koffie inmiddels lauw, maar ze heeft ook goed nieuws: er is toch nog een derde bocaccio gevonden. Prettig als dat nieuws is, zitten we even later toch naar elkaars borden te turen of we er achter kunnen komen wie van ons de derde bocaccio heeft gekregen die 'nog ergens gevonden' is.
Aan de waardepropositie zijn we niet toegekomen. Die doet er namelijk volstrekt niet toe als je personeel direct weggelopen is uit Fawlty Towers. Gelachen hebben we wel, maar het kostte Albert enige moeite ons ervan te overtuigen dat het allemaal echt geen doorgestoken kaart was.
Bij binnenkomst geven wij aan via Bibliotheek Kennemerwaard gereserveerd te hebben. De juffrouw achter de kassa kijkt de halflege zaal rond en zegt dat haar niets van een reservering bekend is. Sterker nog, na enig napluizen blijkt dat ook helemaal niet te kunnen, want zij reserveren nooit voor onder de acht personen. Uitonzeduimzuigers zijn wij en duidelijk betrapt bij het euvele voornemen op slinkse wijze een tafeltje te willen bemachtigen in deze prestigieuze halflege gelegenheid.
Bij genade van een serveerster krijgen we toch een plek. Of we vast iets willen drinken? "Karnemelk", oppert Hanneke en dat is natuurlijk een erg domme opmerking in een lunchrestaurant. Zo kijkt tenminste de serveerster terwijl ze "hebben we niet" zegt. De volgende blik maakt duidelijk dat een intelligenter voorstel verwacht wordt.
Er ligt maar een menukaart. Als we vragen om een apart exemplaar per persoon is daar natuurlijk niet op gerekend en krijgen we te horen dat er wel meer onder de tijdschriften liggen, iets verderop. We wisselen geamuseerde fronsen uit. Dit moet in scene gezet zijn. Straks komt de cursusleider natuurlijk met brede glimlach binnenzeilen om de beelden met onze reacties terug te spelen. Ik kijk of ik Wendy van Dijk in de serveerster herken.
Toch maar iets bestellen, je weet nooit of het wat oplevert. "Blauwe kaas," leest Hanneke dapper uit het menu. "Die is op," luidt het antwoord voor de ongelukkige. Weer niet slim om te veronderstellen dat je alles dat op het menu staat zomaar kunt krijgen.We bestellen alle drie een bocaccio met verschillend beleg. Verrassend snel is de serveerster terug. Er zijn nog maar twee bocaccio's meldt zij - of het heel erg is als een van ons het beleg op een ander broodje krijgt. Er staan drie soorten bocaccio standaard op het menu, maar kennelijk was vandaag de dag van alleen beleg inkopen of is net de fanclub van AC Milan bij AZ op bezoek geweest die hier collectief zich rondgevreten hebben aan de exclusieve broodjes.
Inmiddels zijn de drankjes gearriveerd, maar Jos heeft geen melk of suiker bij zijn koffie. In de omtrek is ook niets te bekennen (nog even onder de tijdschriften gekeken). Hij vraagt vriendelijk of hij die nog kan krijgen. De meligheid slaat toe en we zitten te hikken van de lach. "Uiteraard," antwoordt de serveerster met een stralende glimlach. Oplettende lezertjes zullen inmiddels begrepen hebben dat het erg ondoordacht was van Jos om alleen naar de mogelijkheid te informeren. Er gebeurt dan ook verder niets. De normaal zo goed geluimde coach stuurt de serveerster nu een blik die een volwassen boom geveld zou hebben en dat levert in ieder geval de suiker op. Bij een tweede rondgang ook de melk.
Natuurlijk is de koffie inmiddels lauw, maar ze heeft ook goed nieuws: er is toch nog een derde bocaccio gevonden. Prettig als dat nieuws is, zitten we even later toch naar elkaars borden te turen of we er achter kunnen komen wie van ons de derde bocaccio heeft gekregen die 'nog ergens gevonden' is.
Aan de waardepropositie zijn we niet toegekomen. Die doet er namelijk volstrekt niet toe als je personeel direct weggelopen is uit Fawlty Towers. Gelachen hebben we wel, maar het kostte Albert enige moeite ons ervan te overtuigen dat het allemaal echt geen doorgestoken kaart was.
DING 18
Eindelijk is Spookie geen omgevallen boekenkast meer, want dat slaat niet langer ergens op in de digitale wereld. Virtueel opgetrokken is http://www.librarything.nl/home/spookiespock de plaats om te zijn (place to be), lieve lezers. Daar heeft Spookie een reeks van 10 jeugdsentimenten (gelezen rond zijn twaalfde jaar) opgesteld die hij nog steeds met plezier ter hand neemt. Als bibliotheken kunnen wij klanten ook prikkelen om bijvoorbeeld op LibraryThing of via C-Wise eens een aantal favorieten uit een specifieke tijdsperiode naar voren te halen waar we dan ook fysiek in de bibliotheek aandacht aan besteden. Op de website kunnen we daar verslag van doen. Dit is natuurlijk een heerlijk speeltje (zo zag Spookie dat Aragorn de auteur Robert McGammon aangeraden kreeg, die waarschijnlijk vrijwel niemand meer kent (ooit net zo groot als King of Koontz), maar waar hij vrijwel alles van verslonden heeft - de interactie maakt het tot een leesfeest). Fijn verslavend.
Wat kunnen wij er als bibliotheek mee? We hebben nu toch C-Wise? Eerlijk gezegd is Spookie een beetje geaggraveerd dat iets als C-Wise ontwikkeld is, dat minder mogelijkheden heeft (en na een eerste indruk een beetje truttig overkomt - aiaiai, groot risico dat Spookie nu McSlasaus weer over zich heen krijgt) terwijl er al koppelingen als LibraryThing for Libraries bestaan en de catalagus zelf nog steeds inhoudelijk en kwa zoekmogelijkheden een beschamende vertoning kan worden genoemd. Maar het is gebeurd en nu we er mee werken ziet Spookie vooral mogelijkheden in ontwikkelingen als Library Anywhere waar nog maar 40 bibliotheken wereldwijd aan deelnemen. Lekker via je iPhone alle bibliotheekhandelingen kunnen verrichten.
En als wij ons als informatiebemiddelaars en leesbevorderaars serieus nemen, zorgen we er voor dat er niet alleen een makkelijke koppeling is naar alle LibraryThingige sites vanaf onze website, maar dat we het fenomeen ook promoten, de verschillende benaderingen bespreken, klanten er in adviseren en er zelf actief op aanwezig zijn.
Als auteur ben ik overigens blij met de auteurspagina. Erg nuttig om zelf je gegevens aan te kunnen dragen en verspreiden. Early reviews en gratis exemplaren voor wie je boek willen bespreken zijn daarbij uitstekende tools. Daar ga ik zeker op inspringen.
Wat kunnen wij er als bibliotheek mee? We hebben nu toch C-Wise? Eerlijk gezegd is Spookie een beetje geaggraveerd dat iets als C-Wise ontwikkeld is, dat minder mogelijkheden heeft (en na een eerste indruk een beetje truttig overkomt - aiaiai, groot risico dat Spookie nu McSlasaus weer over zich heen krijgt) terwijl er al koppelingen als LibraryThing for Libraries bestaan en de catalagus zelf nog steeds inhoudelijk en kwa zoekmogelijkheden een beschamende vertoning kan worden genoemd. Maar het is gebeurd en nu we er mee werken ziet Spookie vooral mogelijkheden in ontwikkelingen als Library Anywhere waar nog maar 40 bibliotheken wereldwijd aan deelnemen. Lekker via je iPhone alle bibliotheekhandelingen kunnen verrichten.
En als wij ons als informatiebemiddelaars en leesbevorderaars serieus nemen, zorgen we er voor dat er niet alleen een makkelijke koppeling is naar alle LibraryThingige sites vanaf onze website, maar dat we het fenomeen ook promoten, de verschillende benaderingen bespreken, klanten er in adviseren en er zelf actief op aanwezig zijn.
Als auteur ben ik overigens blij met de auteurspagina. Erg nuttig om zelf je gegevens aan te kunnen dragen en verspreiden. Early reviews en gratis exemplaren voor wie je boek willen bespreken zijn daarbij uitstekende tools. Daar ga ik zeker op inspringen.
Abonneren op:
Posts (Atom)

















